Ga naar inhoud
Praktisch7 min leestijd

Vlaams opleidingsverlof 2026-2027: wat verandert er?

Vlaams opleidingsverlof 2026-2027: 125+125 uur, drempel 50%, forfait €24,50 per uur en het WSE-loket dat pas op 15 oktober 2026 opent. Gids voor HR.

Eerst het belangrijkste: het Vlaams opleidingsverlof (VOV) is gewestelijke materie. Het geldt alleen voor werknemers die volgens de DmfA tewerkgesteld zijn in een vestiging in het Vlaams Gewest. Werkt je medewerker in Brussel of Wallonië, dan gelden daar andere regels, andere bedragen en andere loketten. Dit artikel is dan niet op hem van toepassing.

Voor wie wél in Vlaanderen zit, is er sinds 1 september 2026 veel veranderd. Het besluit van de Vlaamse Regering van 19 juni 2026 (BS 30.06.2026) hervormde het VOV grondig: een lagere toegangsdrempel, een andere urenstructuur en een terugbetaling van €14,91 naar €24,50 per uur. Praktische adder: het schooljaar loopt al bijna een maand, maar terugbetalingsaanvragen voor 2026-2027 kunnen pas vanaf 15 oktober 2026 ingediend worden, terwijl de deadline van drie maanden intussen wel al tikt.

Wat is VOV precies (en wat is het niet)?

VOV is de Vlaamse opvolger van het betaald educatief verlof: je werknemer volgt een erkende opleiding met behoud van loon, en jij krijgt per gevalideerd uur een forfaitaire terugbetaling van de Vlaamse overheid.

Dat is iets anders dan verlof zonder wedde: een onbezoldigde afwezigheid in onderling akkoord. Verwar VOV evenmin met het federale opleidingsrecht van vijf dagen, met het Vlaams opleidingskrediet of met tijdskrediet met motief opleiding.

De wijzigingen op één rij

Onderwerp Schooljaar 2025-2026 Vanaf 2026-2027
Toegangsdrempel min. 80% tewerkstelling én min. 28u/week min. 50% tewerkstelling
Weekendwerkers uitgesloten toegelaten, mits samenvallende uren
Urenrecht één pot per werknemer 125u eigen initiatief + 125u op werkgeversvoorstel
Examencommissie 8 uur per examen 16 uur per examen (ook EVC)
Terugbetaling werkgever €14,91 per uur €24,50 per uur
Bedrijfsinterne opleiding geen aparte toets gunstig preadvies vereist
Zelfde opleiding hernemen 2 keer met VOV nog 1 keer, tenzij overmacht

De nieuwe opleidingscategorieën gelden trouwens al sinds 1 juli 2026.

Hoeveel uren heeft je werknemer?

De basis is 125 uur per schooljaar. Dat wordt maximaal 250 uur, maar alleen via het gemeenschappelijk initiatiefrecht: de werknemer volgt minstens twee verschillende opleidingen (verschillend ODB-nummer), waarvan minstens één op eigen initiatief en minstens één op voorstel van de werkgever.

Twee zaken die vaak fout gaan. De verdubbeling is niet automatisch: zonder tweede, andere opleiding blijft het bij 125 uur. En de twee potten zijn niet uitwisselbaar: uren die overblijven aan werkgeverszijde kunnen niet naar de opleiding op eigen initiatief, en omgekeerd.

Deeltijds werken betekent pro rata, en de 50%-drempel wordt op twee momenten getoetst. De DmfA van maart vóór het schooljaar bepaalt het persoonlijk maximum (percentage × 125). Daarnaast moet je werknemer bij de start van de opleiding minstens 50% werken, zoals vermeld op het inschrijvingsattest.

Voorbeeld. Een werknemer werkte in maart 2026 aan 80%. Zijn persoonlijk maximum is 100 uur (0,80 × 125), plus een tweede pot van 100 uur als hij ook een opleiding op werkgeversvoorstel volgt. Gebruikt hij daarvan 38 uur, dan blijven de resterende 62 uur beschikbaar, uitsluitend voor opleidingen die de werkgever voorstelt. Dat cijfer ligt vast voor het hele schooljaar, ook als het percentage nadien wijzigt. Maar wat vastligt is het maximum, niet het recht zelf.

Haalde je werknemer in maart geen 50%, dan telt de maand waarin zijn eerste opleiding start. Zit hij ook daar onder 50%, dan is er dat schooljaar geen recht.

Welke opleidingen tellen mee, en welke niet

Een opleiding moet aan drie formele eisen voldoen: per jaar minstens 32 contacturen, 3 studiepunten of 32 uur opleidingstijd (blended leren); een geregistreerde opleidingsverstrekker; én de opleiding zelf apart geregistreerd bij het departement, met een eigen ODB-nummer in de opleidingsdatabank. Dat zijn twee verschillende registraties: dat je verstrekker geregistreerd is, betekent niet dat elke cursus uit zijn aanbod een ODB-nummer heeft.

Daarnaast moet de opleiding arbeidsmarktgericht zijn volgens een gesloten lijst van negen categorieën: basiscompetenties, talen tot niveau B1, knelpuntberoepen uit de VDAB-lijst, de klimaat- en digitale transitie, STEM, toekomstige competentietekorten, mentoropleidingen, deelname aan het sociaal overleg, en het behalen van een eerste diploma secundair onderwijs.

Uitzonderingen. Een mentoropleiding mag korter zijn dan 32 uur; voor examencommissie- en EVC-trajecten geldt de urennorm niet (vandaar de 16 uur hierboven); en een loopbaangerichte opleiding uit een persoonlijk ontwikkelplan na loopbaanbegeleiding hoeft niet in de categorielijst te passen.

Even belangrijk is de nieuwe negatieve lijst. Géén VOV voor opleidingen die noodzakelijk zijn voor de functie waarvoor de werknemer is aangeworven en die krachtens wet of cao ten laste van de werkgever vallen. Evenmin voor deze activiteiten:

  • onthaaltrajecten voor nieuwe werknemers;
  • begeleiding van een starter door een meter of peter;
  • een online aanbod van opleidingsvideo's;
  • lunch-and-learnsessies;
  • bedrijfstheater;
  • lerende netwerken;
  • intervisie.

De scherpste vuistregel: verplichte bijscholing en tool-training zijn werkgeverskost, geen VOV. Het stelsel mikt op opleidingen die vérder reiken dan de huidige functie.

Organiseer je zelf opleidingen? Vraag een preadvies aan

Een opleiding is bedrijfsintern zodra ze aan één van deze drie voldoet: ze staat alleen open voor eigen medewerkers met een bepaald functieprofiel, ze mikt uitsluitend op de huidige functie, of de lesgever staat onder hetzelfde werkgeversgezag als de deelnemers. Dan heb je sinds 1 september 2026 een gunstig preadvies van het departement nodig, en moet de code daarvan op je terugbetalingsaanvraag staan.

Stap Termijn
Bericht over de ontvankelijkheid binnen 7 dagen
Aanvullende info op vraag van het departement binnen 7 dagen, anders onontvankelijk
Het preadvies zelf binnen 30 dagen na de ontvankelijkheidsmelding
Heroverweging aanvragen binnen 30 dagen, gemotiveerd
Behandeling van de heroverweging binnen 60 dagen

De heroverweging heeft geen schorsende werking. Een preadvies geldt per combinatie werkgever–opleiding en blijft geldig zolang de context niet wijzigt. Reken op ruim een maand doorlooptijd, vóór de opleiding start.

De kalender: 15 oktober en de klok van drie maanden

De terugbetalingsaanvraag moet uiterlijk drie maanden na de startdatum van de opleiding in het WSE-loket staan. Die startdatum neem je letterlijk over van het inschrijvingsattest. De deadline wordt strikt toegepast.

Tegelijk opent het loket voor opleidingen uit schooljaar 2026-2027 pas op 15 oktober 2026. Voor een opleiding die op 15 september startte, betekent dat: indienen kan pas vanaf 15 oktober, en de uiterste datum is 14 december: drie maanden loopt tot de dag vóór dezelfde datum. Je venster is dus smaller dan gewoonlijk, niet ruimer.

De sanctie bij te laat indienen is asymmetrisch: je werknemer behoudt zijn VOV en zijn loon, maar jij krijgt niets terugbetaald. Zet die datum nu al in de HR-agenda, samen met de andere documenten die dit jaar een update vragen, zoals je arbeidsreglement.

Het loonplafond: waarom je hier nog geen bedrag mag invullen

Tijdens de VOV-uren behoudt je werknemer zijn normale loon, op het normale tijdstip. Verdient hij meer dan een vastgelegde bruto maandgrens, dan mag je het bruto uurloon voor die uren begrenzen:

loongrens per uur = ((bruto maandgrens × 12) / 52) / wekelijkse arbeidsduur

Let op: die grens staat niet in het nieuwe besluit. Ze is van federale herkomst en wordt elk jaar op 1 september geïndexeerd, telkens de afgevlakte gezondheidsindex de spilindex overschrijdt. Dat is de mechaniek uit ons artikel over de spilindex.

Op het moment van schrijven publiceert de Vlaamse overheid nog geen bedrag voor schooljaar 2026-2027; enkel de grens van het vorige schooljaar staat er. Neem die niet zomaar over: haal de actuele grens op vóór je een uurloon begrenst. Wil je intussen het netto-effect van een brutoloon inschatten, dan helpt onze bruto-netto rekentool.

Twee onafhankelijke klokken dus: het forfait van €24,50 dat jóu wordt terugbetaald ligt vast, het loonplafond dat bepaalt wat jij je werknemer betaalt beweegt jaarlijks mee. Ze op elkaar toepassen is de klassieker in dit dossier.

Vier dingen die je deze maand best nakijkt

  1. Herbereken je budget aan €24,50. Het nieuwe forfait ligt zo'n 64% hoger dan het oude: wie voor uren vanaf 1 september nog met €14,91 rekent, begroot 39% van de werkelijke terugbetaling niet.
  2. Check je deeltijders opnieuw. Met een drempel van 50% komen collega's in aanmerking die vorig schooljaar nog uitgesloten waren, weekendwerkers incluis. Toets ze zowel op maart als op de startdatum.
  3. Screen je eigen opleidingsaanbod. Alles wat bedrijfsintern is, heeft een preadvies nodig; onthaal, lunch-and-learns en intervisie vallen buiten het stelsel.
  4. Zet 15 oktober en je drie-maandendeadlines in de agenda. Dit is de enige fout in het hele stelsel die je rechtstreeks geld kost.

Wie deze vier punten afvinkt, haalt uit hetzelfde opleidingsbeleid een fors hogere terugbetaling dan vorig jaar, zonder één extra opleidingsuur.


Twijfel je of een concrete opleiding in aanmerking komt, of hoeveel uren een deeltijdse medewerker precies heeft? Loonlama beantwoordt je vragen over Belgisch arbeidsrecht in gewone taal, met verwijzing naar de juiste bron. Start gratis met Loonlama en vind meer achtergrond op onze blog.

Dit artikel is informatief en vervangt geen juridisch advies.